Doorgaan naar artikel
Maandverband in het museum!

Maandverband in het museum!

Tot ongeveer 1965 gebruikten de meeste mensen die menstrueren wasbaar maandverband. Het Nederlands Openluchtmuseum heeft er een aantal in de collectie. Het zijn grote, driedubbel gevouwen lappen katoen of badstof. Ze waren kant en klaar te koop, of werden zelf gemaakt. Je bevestigde ze aan een elastieken gordeltje rond je middel, met een knoop of een veiligheidsspeld aan de voorkant en aan de achterkant.

Het Openluchtmuseum bewaart weliswaar oude maandverbanden; er was weinig bekend over het gebruik ervan. Daar ben ik, als conservator, juist nieuwsgierig naar. Er is in museumcollecties nauwelijks aandacht voor menstruatie. Dat heeft te maken met ongemak en taboes.

In de afgelopen jaren interviewde ik mensen over hoe zij vroeger omgingen met menstruatie. Comfortabel was wasbaar maandverband voor 1965 niet. De maandverbanden waren dik en verschoven gemakkelijk. Jannie (1949) gebruikte slechts een paar jaar wasbaar maandverband. ‘De vuile verbanden moesten naar de schuur. Daar stond een emmer met water. Bij de wekelijkse was op maandag, werden de maandverbanden eerst grondig uitgespoeld en daarna tegelijk met de witte was gewassen. Als de badstof verbandjes wat ouder waren, werden ze dunner. Dan kwamen er per maand heel wat in de emmer terecht.’ En volgens Adriana (1933) was ‘Het wasbare maandverband niet altijd afdoende. Je zag wel eens iemand die van achteren een vlek in haar kleren had. Dat was erg! Je moest er echt met je kleding rekening mee houden. Donkere kleding en eventueel een verbandje of een onderbroekje extra, zodat je wat meer beschermd was.’

Al rond 1930 kon je in Nederland wegwerpmaandverband kopen. Korte tijd later ook tampons. Uit de verhalen die ik hoorde, leerde ik veel over de eerste wegwerpproducten die op de markt kwamen. Nel (1935) vertelde: ‘Ik ging wegwerp gebruiken vanwege het comfort. En je had niet de rompslomp van het wassen.’ Jannie noemt het een voordeel ‘dat je niet zo vaak hoefde te verschonen als met badstof verbandjes.’ Agnes (1952) zei dat ‘maandverbandgordeltjes niet lang mee gingen. Doorlekken bleef een probleem. Het was een hele vooruitgang toen er plakstrips kwamen.’ Wegwerp leverde ook ongemak op. Volgens Beatrix (1941) waren er geen prullenbakken op school: ‘Je kon het verband niet weggooien. Dus het moest mee naar huis, in de tas.’

Het Openluchtmuseum heeft een paar oude pakken wegwerpmaandverband en tampons in de collectie. Het nieuwste dateert van 1971! Daar moet iets aan veranderen. Er zijn immers zoveel nieuwe materialen en producten ontwikkeld, zoals menstruatieslips. De samenleving is veranderd. Omgangsvormen zijn anders geworden. Dat heeft invloed op hoe we omgaan met menstruatie. Maar welke verhalen en voorwerpen over hoe we in Nederland omgaan met menstruatie moeten we vastleggen en bewaren?

Het Nederlands Openluchtmuseum is het museum over het alledaagse leven in Nederland. Menstruatie maakt deel uit van het dagelijks leven. Daarom gaat het museum voorwerpen en verhalen verzamelen over menstruatie na 1965. Dat doen we samen met mensen die zelf ervaring hebben met menstrueren. Zodat we nu en in de toekomst ook over menstruatie voorwerpen kunnen laten zien en verhalen kunnen vertellen.

Wil jij meepraten? Kijk dan op https://www.openluchtmuseum.nl/verdiep/menstruatiecultuur voor meer informatie en de data van de bijeenkomsten.

Inge Schriemer
Conservator bij het Nederlands Openluchtmuseum